Btw voor je salon: 21%, de KOR en je aangifte
Behandelingen in een salon zijn belast met 21% btw, het hoge tarief. Van elke €50 die een klant afrekent is dus ongeveer €8,68 btw, en die is nooit van jou geweest. Blijf je onder de €20.000 omzet per jaar, dan mag je kiezen voor de kleineondernemersregeling en breng je helemaal geen btw in rekening.
Dit artikel legt uit wat btw in de praktijk met je prijs en je banksaldo doet, wanneer die regeling wel en niet in je voordeel werkt, en hoe je aangifte in zijn werk gaat.
Wat btw eigenlijk is
Btw is belasting over de toegevoegde waarde, en de naam zegt eigenlijk al waar het misgaat in het hoofd van veel starters. Je betaalt hem niet zelf. Je int hem bij je klant en je geeft hem door aan de Belastingdienst.
Dat klinkt als een detail, maar het is de reden dat startende salons in hun eerste jaar in de problemen komen. Je ziet elke week geld binnenkomen en je gaat daarmee rekenen alsof het van jou is. Een kwartaal later moet er een bedrag naar de Belastingdienst dat je al hebt uitgegeven aan producten en huur.
De praktische oplossing is saai en werkt: zet elke maand het btw-deel van je omzet apart op een tweede rekening en kijk er verder niet naar. Wat er op je gewone rekening staat, is dan wel echt van jou.
Wat dat met je prijzen doet
Richting je klanten noem je altijd de prijs inclusief btw. Dat is wat er op je prijslijst hoort te staan en wat je klant afrekent. Een consument denkt in het totaalbedrag en wil bij het afrekenen niet verrast worden.
Voor jezelf reken je andersom, en dan gaat het zo. Een behandeling van €50 inclusief btw bestaat uit €41,32 omzet voor jou en €8,68 btw voor de Belastingdienst. Je deelt de prijs dus door 1,21 om te zien wat er echt binnenkomt.
| Prijs incl. btw | Jouw omzet | Btw |
|---|---|---|
| €30 | €24,79 | €5,21 |
| €50 | €41,32 | €8,68 |
| €85 | €70,25 | €14,75 |
Dat is meteen het antwoord op een veelgemaakte denkfout bij een prijsverhoging. Ga je van €50 naar €55, dan houd je daar geen €5 aan over maar €4,13. Hoe je een tarief opbouwt dat wél klopt staat in je prijzen bepalen als kapper.
Wat je terugkrijgt
Tegenover de btw die je int staat de btw die je zelf betaalt bij je inkoop. Die heet voorbelasting en die mag je eraf trekken.
Dat gaat om meer dan mensen denken: je stoel en je wasunit, je apparatuur, je kleuren en producten, je handdoeken, je inrichting, je zakelijke telefoonabonnement, je verzekering in sommige gevallen, en de kosten van je boekingssysteem en je website.
Je rekensom per kwartaal is dus: geïnde btw min betaalde btw, en het verschil draag je af. In een kwartaal waarin je een grote investering doet kan die som negatief uitvallen, en dan krijg je geld terug van de Belastingdienst. Precies daarom is de keuze hieronder in je eerste jaar zo belangrijk.
De kleineondernemersregeling
Blijf je onder de €20.000 omzet per kalenderjaar, dan mag je meedoen aan de kleineondernemersregeling. Dat betekent: geen btw op je facturen, geen btw-aangifte meer, en een stuk minder administratie.
Het klinkt aantrekkelijk, en voor sommige salons is het dat ook. Maar er zit een prijskaartje aan dat je pas later voelt: je mag dan ook geen voorbelasting meer terugvragen.
Wanneer de KOR loont. Je werkt part-time of naast een baan, je omzet blijft stevig onder de grens, en je hebt weinig inkoop omdat je apparatuur al hebt of met weinig producten werkt. Je klanten zijn particulieren, dus die kunnen de btw toch niet verrekenen en zien alleen een lagere prijs.
Wanneer de KOR juist tegenwerkt. Je bent aan het opstarten en koopt een stoel, een wasunit, spiegels, apparatuur en je eerste voorraad. Over die investering betaal je 21% btw die je met de KOR niet terugziet. Bij €12.000 aan opstartkosten is dat ruim €2.000 dat je laat liggen.
Ook praktisch: zit je met je omzet in de buurt van de grens, dan is het een ongemakkelijke plek. Ga je er halverwege het jaar overheen, dan word je vanaf dat moment btw-plichtig en moet je je prijzen aanpassen of zelf de btw slikken.
Sinds 2025 zit je er niet meer een aantal jaren aan vast, dus de keuze is minder definitief dan hij was. Aanmelden en stoppen doe je bij de Belastingdienst, en stoppen vraag je uiterlijk een maand voor het einde van een kwartaal aan.
Laatst gecontroleerd augustus 2026 bij de Belastingdienst.
Producten en cadeaubonnen
Producten die je doorverkoopt vallen onder hetzelfde tarief van 21%. Je koopt ze in met btw, die vraag je terug, en je rekent er btw over af bij je klant. Aan de btw verdien of verlies je hier dus niets, zolang je je marge op de bedragen exclusief btw berekent.
Cadeaubonnen liggen anders, en dat is het onderdeel waar de meeste salons het per ongeluk fout doen. Een bon voor een specifieke behandeling waarvan het btw-tarief al vaststaat, wordt bij verkoop belast. Een bon voor een bedrag in euro's, in te wisselen voor van alles, wordt pas belast op het moment dat hij wordt ingewisseld. Verkoop je vooral waardebonnen, boek de omzet dan niet op de verkoopdatum. Hoe je bonnen verder inzet staat in cadeaubonnen verkopen in je salon.
Twijfel je bij jouw type bon, leg het dan één keer voor aan je boekhouder. Het is een halfuurtje dat een correctie achteraf voorkomt. Praktisch helpt het als je systeem bijhoudt wanneer een bon is verkocht én wanneer hij is ingewisseld: in Avana staan die twee momenten apart, zodat je bij je aangifte niet hoeft te gokken welke bonnen er nog openstaan.
Je aangifte
Na je inschrijving bij de KVK krijg je vanzelf bericht van de Belastingdienst met je btw-nummer en de mededeling hoe vaak je aangifte doet. Voor de meeste startende salons is dat per kwartaal.
Je hebt daarna een maand de tijd: over het eerste kwartaal doe je in april aangifte en betaal je ook in april. Te laat is een verzuimboete, en die krijg je ook als je aangifte op nul staat.
Wat je nodig hebt is eigenlijk maar twee getallen: je omzet in dat kwartaal, uitgesplitst naar tarief, en de btw die je zelf hebt betaald. Dat lukt alleen als je omzet gedurende het kwartaal ergens netjes wordt bijgehouden, en dat brengt ons bij het praktische deel.
Voor het complete plaatje van wat er van je omzet overblijft na btw, belasting en vaste lasten is er wat verdien je met een eigen salon.
Je omzet bijhouden zonder er werk van te maken
Het lastigste aan btw is niet de regel maar de administratie. Vier keer per jaar een schoenendoos met bonnetjes uitzoeken en je pinomzet reconstrueren kost een avond, en dat is een avond die je liever niet zo besteedt.
In Avana staat elke afspraak met de bijbehorende prijs vast zodra hij is afgerekend, dus je omzet per periode rolt eruit zonder dat je iets bijhoudt. Je bedrijfsgegevens en je btw-nummer vul je één keer in, waarna ze op elke factuur terechtkomen en je nummering vanzelf doorloopt.
Avana rekent geen commissie over je omzet, dus het bedrag dat je in je overzicht ziet is ook echt wat er binnenkwam. Wat een plan kost staat op de prijzenpagina.
De volgorde die werkt
Zet in je eerste maand het btw-deel van je omzet apart op een tweede rekening en houd dat vol. Beslis daarna pas over de KOR, en doe dat met je opstartkosten erbij op tafel: koop je nog fors in, dan is btw terugvragen bijna altijd meer waard dan de administratie die je ermee uitspaart.
En zet je prijzen vanaf het begin inclusief btw op je prijslijst. Dat scheelt je de vervelendste discussie die er bestaat, namelijk die bij de kassa.
Veelgestelde vragen
Behandelingen in een salon zijn belast met het hoge tarief van 21%. Dat geldt voor knippen, kleuren, nagels, wimpers, gezichtsbehandelingen en vergelijkbaar werk. Producten die je in je salon doorverkoopt vallen ook onder 21%. Er is voor dit vak geen laag tarief van 9%, want dat geldt onder meer voor eten, boeken en bepaalde vormen van sport, en niet voor persoonlijke verzorging. Gecontroleerd augustus 2026.